Uitgezonden, twee aan twee

“Ik hou ervan hoe Jezus zijn discipelen twee-aan-twee op pad stuurt, met praktische instructies over wat wel en niet te doen”, zegt Peter*, zendeling in Kosovo. “De laatste tijd heb ik regelmatig, als ik ook op die manier op pad ga, door God voorbereide ontmoetingen met mensen in wiens leven Hij al lang aan het werk is." Peter deelt twee recente ervaringen.

Jezus stierf voor onze zonden, toch?
Peter trok er na een evangelisatietraining op uit met Lulzim*. Samen raakten ze aan de praat met Artan*. Toen ze aanboden om voor hem te bidden, accepteerde hij dat dankbaar. Toen Lulzim en Peter klaar waren met bidden, reageerde Artan: “Dat was fantastisch. Ik voelde een soort kracht, energie en vrede in me, alsof het opkwam vanuit mijn benen en mijn hele lichaam vulde.” Artam wilde graag meer weten over God: “Alles wat ik vroeger geleerd heb over God is dat Hij heel ver weg is en ons eigenlijk niet zo leuk vindt. Maar ik heb altijd het gevoel gehad dat er meer moest zijn, dus ik heb online informatie gevonden over het christelijk geloof.” Hierdoor begreep Artan de uitleg van Peter en Lulzim over het Evangelie: “Oh ja, Jezus stierf zodat wij Gods vrienden konden worden, toch?”

Peter zag hoe enthousiast Artan was en sprak af hem later opnieuw te ontmoeten. “Artan was die dag enkel in de stad op bezoek”, geeft Peter aan. “Waar hij woont, is helemaal geen kerk. Deze ontmoeting was zo bemoedigend!”

“Ik voelde een soort kracht, energie en vrede in me, alsof het opkwam vanuit mijn benen en mijn hele lichaam vulde.”

Op pad zonder benzine
In het andere geval waren Peter en zijn vriend Qendrim* eropuit gegaan om te bidden in het bergachtige grensgebied tussen Kosovo en Albanië, in een gebied dat bewoont wordt door een onbereikte bevolkingsgroep waarmee OM in Kosovo is gaan werken. Nadat een aantal afgesloten wegen leidden tot vele extra kilometers, ging het benzinewaarschuwingslampje aan in de auto. “Niet iets dat je graag ziet als je hoog in de bergen zit!”, zegt Peter met een glimlach.

Terwijl ze een afgelegen stad inreden, baden Peter en Qendrim dat ze niet alleen benzine zouden vinden, maar ook mensen die openstaan voor het Evangelie. De eerste man die ze vroegen om benzine, reageerde: “Ik ben je man!” Zijn naam was Agron* en hij bood aan benzine voor hen te gaan halen. Ze konden zelfs blijven slapen als dat nodig was, vertelde hij. Agron nam hen met een aantal van zijn vrienden mee naar een café. In een oogwenk zaten Peter en Qendrim in een café aan een ronde tafel met allemaal lokale inwoners.

In Lukas 10:8 staat dat je moet eten wat er voor je wordt gezet, dus Peter en Qendrim gingen met Agron mee naar het café, waar Agron voor iedereen koffie kocht. “Het was voor mij de eerste keer dat ik koffie dronk die zo dik was dat ik er letterlijk op moest kauwen”, lacht Peter.

In Lukas 10:9 staat ook dat we de zieken moeten genezen, dus Peter en Qendrim boden de aanwezigen aan om een zegen te bidden over de stad en haar inwoners. Een van Agron’s vrienden had nierproblemen, dus baden Peter en Qendrim ook voor hem. Ook baden ze voor iedereen die aan het werk was en niet bij de bijeenkomst kon zijn. “Dus we zaten daar, in het café, onze kleine gebedsbijeenkomst te houden. Toen we klaar waren, klonk er een luidkeels ‘amen!’”, vertelt Peter.

In Lukas 10:9 staat ook dat we moeten vertellen dat het Koninkrijk van God nabij is, dus de beide vrienden deelden een aantal verhalen uit de Bijbel en nodigden de aanwezigen uit om hierover door te praten. Toen het tijd was om te gaan, wisselden de mannen telefoonnummers uit met Qendrim. Peter en Qendrim beloofden terug te komen. Ze bidden dat Agron lid zal worden van een lokale gemeenschap van christenen in de stad. “Ik dacht”, zegt Peter, “dat als Lukas 10:4 vandaag de dag geschreven was, Jezus gezegd zou kunnen hebben: ‘Neem geen tas of sandalen mee, en slechts een halve tank benzine!’”

Twee aan twee eropuit
Peter bedacht hoeveel deze situatie met Agron leek op de situatie in de eerste verzen van Lukas 10, waar Jezus zijn discipelen er twee aan twee op uitstuurde, net als Peter en Qendrim. God stuurde hen ook op pad met weinig spullen, zodat ze afhankelijk van Hem waren en moesten terugvallen op mensen die hen wilden helpen. De discipelen moesten wachten op de ‘man van vrede’ (Lukas 10:5), die hen en hun boodschap welkom zou heten en in hun behoeften zou voorzien. “Toen we in het dorp aankwamen en Agron ontmoetten, was het alsof wij die persoon van vrede ook ontmoetten!”, herinnert Peter zich. “Hij zorgde voor ons en verwelkomde ons in zijn dorp. Dus wij volgden gewoon het script uit Lukas 10!”

“Toen we klaar waren, klonk er een luidkeels ‘amen!’”

 

 
 

  • Bid

    voor het team dat er met de lokale kerk op uitgaat om het Evangelie te delen.
     

  • Bid

    dat God ‘mensen van vrede’ geeft, die klaarstaan om het Evangelie aan te nemen.
     

  • Bid

    voor iedere zendeling die leeft en werkt onder de minst bereikten in Kosovo.
     

 

 

* Naam veranderd om veiligheidsredenen.